Nieuwe fiscale wijzigingen: Prinsjesdag 2018

Nieuwe fiscale wijzigingen: Prinsjesdag 2018

by Thomas Esselink, September 18, 2018

Op prinsjesdag zullen weer een aantal fiscale wijzigingen worden gepresenteerd waar Nederland in 2019 mee te maken gaat krijgen. De toon is positief: de economie gaat goed en de koopkracht neemt toe. Maar wat gebeurt er concreet met de positie van Nederlandse ondernemers? We hebben al gehoord over de Tesla-taks, het nieuwe VPB-tarief, het nieuwe box 2-tarief en een aanpassing van de termijn voor VpB verliesverrekening.

De Tesla-taks

Zoals deze belasting al doet vermoeden ziet deze heffing op auto’s uit het hogere segment met een nul-emissie. Het hoeft niet per se te gaan om een van Elon’s speeltjes. Er zijn bijvoorbeeld ook bepaalde Jaguar types die geen vuil uitstoten. Voorheen waren de spelregels voor dit soort auto’s vrij simpel. De bijtelling voor nieuwe nul-emissie auto’s was 4% en bijtelling voor andere nieuwe auto’s was 22%. Dit kwam neer op een erg stimulerende 18% korting voor rijders van een nul-emissie auto.

Deze “overstimulering” van het rijden van hogere segment auto’s vond men toch wat te gortig worden. Daarom heeft men besloten om vanaf 2019 de nieuwe nul-emissie bedrijfsauto’s die duurder zijn dan €50.000,- tot de 22% inkomensbijtelling groep te rekenen.

Inkomstenbelasting

2.1 Belastingtarief box 2

In het koffertje zal tevens een wijziging zitten die van invloed kan zijn voor jou als DGA of aanmerkelijkbelanghouder. Er zal namelijk een gefaseerde verhoging van het box 2-tarief worden gepresenteerd door het kabinet. Het box 2-tarief dat nu op 25% ligt zal eerst worden verhoogd naar 27,5% in 2020 en dan naar 28,5% in 2021. In 2019 zal dit tarief waarschijnlijk 25% blijven.

De reden hiervoor is simpel. Box 2 levert op dit moment te weinig op voor de Fiscus. Daarnaast probeert men met deze verhoging meer evenwicht te vinden tussen de belastingdruk van de VPB-ondernemer via de BV en de IB-ondernemer met een eenmanszaak.
2.2 Rendementspercentage box 3
Tijdens Prinsjesdag zal eveneens worden aangekondigd wat de bijstelling van het rendementspercentage van box 3 zal zijn.

Vennootschapsbelasting:

3.1 Tarief vennootschapsbelasting
Het tarief van de vennootschapsbelasting zal worden verlaagd. Ook deze verlaging zal stapsgewijs verlopen. Het hoge tarief (belastbare winst vanaf € 200.000,-) zal uiteindelijk in 2021 neerkomen op 21%. In de tussentijd zal in 2019 eerst het tarief worden verlaagd naar 24% en dan in 2020 naar 22,5%. Het verlaagde tarief (belastbare winst tot €200.000,-) zal in totaal naar 16% worden verlaagd per 2021. In 2019 zal het tarief eerst worden verlaagd naar 19% en in 2020 naar 17,5%.

3.2 Verliesverrekening
De voorwaartse verliesverrekening (carry forward) zal vanaf 2019 worden beperkt tot zes jaar in plaats van de huidige negen jaar. De achterwaartse verliesverrekening (carry back) zal één jaar blijven.

3.3 Afschrijving gebouwen
Voortaan mogen bedrijven in de vennootschapsbelasting nog maar afschrijven op een gebouw dat zij in eigen gebruik hebben tot een boekwaarde is bereikt van 100% van de WOZ-waarde. Voorheen was dit percentage nog 50% van de WOZ-waarde. Het afschrijven op gebouwen in eigen gebruik wordt hierdoor erg ingeperkt.

3.4 Overnameholdings
Het kabinet komt met een wijziging die ervoor zorgt dat overnameholdings geen aftrekbeperking meer zullen hebben.

3.5 Invoering van Controlled Foreign Company (CFC)
De invoering van de CFC-regel houdt in dat buitenlands laag belast passief inkomen wordt toegerekend aan de Europese-moeder. De reden die hierachter schuilt is dat Nederland diverse maatregelen moet treffen om te voldoen aan de Europese anti-belastingontwijkingsrichtlijn en dit dus dient op te nemen in nationale wetgeving.

Omzetbelasting

4.1 Verlaagd tarief omzetbelasting
Het verlaagde BTW-tarief zal van 6% naar 9% gaan.

4.2 Kleine ondernemersregeling
Per 1 januari 2020 zal de kleine ondernemersregeling worden aangepast. Er zal een omzet gerelateerde vrijstellingsregeling voor alle ondernemers komen, ongeacht of je nu een IB of VpB-ondernemer bent.

Samenvattingen Prinsjesdag

In 2017 lag de nadruk van wijzigingen die een impact hadden op ondernemers vooral op het voordeliger aanbieden van opties aan personeel. Een optie is de mogelijkheid om aandelen te kopen wanneer bepaalde targets worden gehaald. Deze opties die werknemers kunnen verkrijgen worden vaak als alternatief gebruikt voor een gewone salarisuitkering. Zo hoef je geen cash uit te keren, maar bied je als ondernemer toch iets aantrekkelijks. De opties dien je aan te geven bij de Belastingdienst. Vanaf 2018 hoefde je nog maar 75% van je optie aan te geven, de rest was belastingvrij. Er dient wel te worden voldaan aan een aantal voorwaarden. Zo moet de optie voortkomen uit een arbeidsovereenkomst, heeft de werkgever een S&O verklaring nodig, dien je de opties minimaal 1 en maximaal 5 jaar na toekenning ervan uit te oefenen en is de vrijstelling gemaximeerd op €12.500,-. Over het meerdere betaal je 100% belasting.
In 2016 kwam het plan om de eerste schijf van de vennootschapsbelasting stapsgewijs te verlengen. Tevens had het kabinet aandacht voor scale-ups. Zodoende kwam er 27 miljoen euro beschikbaar voor een gunstige gebruikelijkloonregeling voor innovatieve bedrijven. Het kabinet maakte ook 23 miljoen euro vrij voor investeringen in start-ups en het mkb.

Het belastingplan van 2016 bevatte een wetsvoorstel om op fiscaal aantrekkelijke wijze het pensioen van de DGA vorm te geven. Het pensioen van de DGA vergde voorheen te veel administratie en was te complex.

In 2015 is de belasting op vermogen verlaagd. Dit zag vooral op het fictief rendement van 4% dat voor veel ondernemers niet reëel was. Daarnaast werd het heffingsvrije vermogen verhoogd naar €25.000,- per persoon. Er werden ook drie nieuwe schijven geïntroduceerd in box 3. In 2015 werden eveneens nieuwe subsidies gevormd voor ondernemers. De research-en developmentaftrek in de inkomstenbelasting en vennootschapsbelasting en de speur-en ontwikkelingsaftrek in de loonbelasting werden samengevoegd. Daarnaast werd er een wijziging ingevoerd betreffende belastingontwijking bij emigratie. De conserverende aanslag werd beëindigd. Het elektrisch rijden werd in 2015 gestimuleerd door bijtellingstarieven te verminderen en te verlagen.  Ook werd er besloten om het pensioen van de DGA (directeur-grootaandeelhouder) te laten uitvoeren door de BV in plaats van de DGA te laten vallen onder de pensioenwet.

Comments are closed.