Een aantal fiscale wijzigingen zijn gepresenteerd waar we dit jaar en volgende jaren mee te maken krijgen. Wat kan men in 2019 verwachten op het gebied van fiscale wetgeving? Lees verder voor meer informatie.

– Belastingverlaging en aftrekbeperkingen

De tarieven in de inkomstenbelasting zijn dit jaar omlaag gegaan. Veel aftrekposten kun je de komende jaren tegen een lager tarief in aftrek brengen. Ook het tarief in de vennootschapsbelasting (VPB) is gedaald. Over de eerste € 200.000 winst betaalt je BV 19 procent VPB in plaats van 20 procent. Ook in de komende jaren blijven de tarieven dalen. Het hoge tarief gaat stapsgewijs uiteindelijk naar 20,5 procent in 2021 en het lage tarief naar 15 procent in 2021. Hier kan het interessant zijn om opbrengsten zo veel mogelijk uit te stellen en kosten juist naar voren te halen.

– Keer dividend in plaats van extra loon uit

Wanneer je de keuze hebt tussen een dividenduitkering en uitbetaling van extra loon, is een dividenduitkering fiscaal aantrekkelijker. Stel je hebt de keuze om het salaris van €45.000 te verhogen naar €68.500 en zo de schijf vol te maken, is het voordeliger om dit als dividend uit te keren. Over extra loon wordt in 2019 maximaal 51,75 procent inkomstenbelasting geheven, terwijl over een dividenduitkering belasting wordt geheven van 39,25 tot 43,75 procent (gecombineerde inkomsten- en vennootschapsbelasting). Aandachtspunt hierbij is wel dat je rekening moet houden met de gevolgen voor je pensioenopbouw en de regels voor het gebruikelijk loon.

VPB laagVPB hoogIB box 2Gecombineerd laagGecombineerd hoog
201820%25%25%40,00%43,75%
201919%25%25%39,25%43,75%
202016,5%22,5%26,25%38,42%42,88%
202115%20,5%26,90%37,87%41,89%

– Excessieve lening aflossen via dividenduitkering

Leningen van aanmerkelijkbelanghouders bij hun eigen vennootschap gaan boven de €500.000 als dividend belast worden. Vorige maand is een concept wetsvoorstel verschenen, waar een ieder nu nog reactie op kan geven. Het houdt in elk geval in dat wanneer je aan het einde van het jaar meer dan €500.000 schuld aan je BV hebt, het meerdere belast wordt als een fictieve dividenduitkering. Deze uitkering is belast in box 2 waarvan het tarief stapsgewijs omhoog gaat tot 26,9 procent in 2021. Je kunt in het geval je meer dan €500.000 bij je BV hebt geleend belastingheffing voorkomen door dividend uit te keren en hiermee de lening af te lossen. Wanneer je dit nog dit jaar doet, betaal je nog 25 procent belasting over dit dividend.Let wel op, dividend uitkeren alleen om belasting in box 2 te besparen is niet altijd aan te raden. Als er namelijk geen concrete bestemming is voor het vermogen, blijft het in box 3 hangen.

– Elektrische auto aanschaffen < 50.000

Zoals de zogenaamde Tesla-taks al doet vermoeden ziet deze heffing op auto’s uit het hogere segment met een nul-emissie. Voorheen waren de spelregels voor dit soort auto’s vrij simpel. De bijtelling voor nieuwe nul-emissie auto’s was 4 procent en bijtelling voor andere nieuwe auto’s was 22 procent. Dit vond men toch wat te ver gaan, en is besloten om vanaf 2019 de nieuwe nul-emissie bedrijfsauto’s die duurder zijn dan €50.000,- tot de 22 procent inkomensbijtelling groep te rekenen.

Denk je erover om zakelijk een elektrische auto aan te schaffen met een catalogusprijs onder de € 50.000? Doe dit dan voor 2020, dan kom je namelijk nog in aanmerking voor de 4 procent bijtelling. Zoals het er nu naar uitziet, zal hierna geen onderscheid meer worden gemaakt tussen een elektrische auto of een niet-elektrische auto. Voor beide varianten gaat dan het bijtellingspercentage van 22 procent gelden.

– Verminder gebruikelijk loon met kostenvergoedingen en auto van de zaak

Kostenvergoedingen kun je in mindering brengen op het gebruikelijk loon. Dit geldt voor zowel belaste als onbelaste vergoedingen, denk hierbij aan bijvoorbeeld maaltijden of reiskosten. Ook de bijtelling vanwege privégebruik van de auto van de zaak telt mee. Bij een auto van bijvoorbeeld €30.000 en een bijtelling van 22 procent kun je het gebruikelijk loon met €30.000 x 22 procent = €6.600 lager vaststellen. Hierdoor betaal je als dga minder belasting in box 1.

– Maak gebruik van je herinvesteringsreserve

Het is raadzaam om voor het einde van 2019 een herinvestering te doen, wanneer je in 2016 winst hebt gemaakt doordat je een bedrijfsmiddel hebt verkocht en daarvoor een herinvesteringsreserve hebt gevormd. Indien je geen herinvestering doet, valt deze reserve vrij in de winst en wordt deze belast. Deze termijn kan verlengd worden, maar dan moet de herinvestering door bijzondere omstandigheden zijn vertraagd of is in verband met de aard van de bedrijfsmiddelen een langer tijdvak vereist.

– Let op desinvesteringsbijtelling

Let op bij de verkoop of schenking van een bedrijfsmiddel dat je minder dan vijf jaar geleden hebt gekocht. Indien je namelijk gebruik hebt gemaakt van de investeringsaftrek, loop je het risico dat je te maken krijgt met de desinvesteringsbijtelling, waardoor je een gedeelte van de aftrek weer terug moet betalen. Het kan dan interessant zijn te wachten met de verkoop of schenking tot begin 2020.

– Stel investering > 318.449 uit

Wanneer je een bedrag tussen €2.301 en €318.449 investeert in bedrijfsmiddelen voor de onderneming kom je in 2019 in aanmerking voor investeringsaftrek. Indien je meer dan €318.449 investeert, vervalt je recht op de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek. In dit geval kun je misschien beter wachten tot 2020.

– Inventariseer S&O-kosten

Indien je R&D-kosten hebt kun je misschien gebruik maken van de Wet Bevordering Speur- en Ontwikkelingswerk (WBSO). Kosten en uitgaven zijn op te voeren. Onder deze regeling kun je elk jaar kiezen of je een forfaitair bedrag per S&O-uur (speur- en ontwikkelingswerk) opvoert of de werkelijke kosten. Deze keuze geldt voor het hele jaar en het kan dus voordelig zijn na te gaan welke optie voor jouw onderneming het gunstigst is. Het kabinet heeft namelijk besloten een impuls te geven aan de regeling door het percentage van de tweede schijf van de S&O-afdrachtsvermindering te verhogen van 14 procent naar 16 procent in 2020.

– Beperking afschrijving gebouwen

Vanaf dit jaar is de afschrijving op gebouwen in eigen gebruik in de vennootschapsbelasting beperkt tot 100 procent van de WOZ-waarde. Hiervoor was dit 50 procent van de WOZ-waarde. Als je van plan bent een gebouw voor eigen gebruik aan te schaffen kan betekenen dat het in relatie tot een huurpand duurder wordt. Het is nu dus nog belangrijker dan voorheen om goed de WOZ-beschikking te controleren. Er geldt overgangsrecht voor gebouwen die voor 1 januari 2019 in gebruik zijn genomen, en waarop nog geen 3 jaar is afgeschreven. Dan mag je nog afschrijven volgens de oude regels.

– Fietsregeling per 2020

Nu bestaat er nog geen fiscale regeling voor het ter beschikking stellen van een fiets. Vanaf 2020 wordt het een stuk aantrekkelijker gemaakt een fiets van de zaak te gebruiken. Met de nieuwe regeling wordt de bijtelling voor de fiets van de zaak net zo simpel als de bijtelling voor de auto van de zaak. Het bijtellingspercentage wordt 7 procent. De regeling geldt voor fietsen, e-bikes en speed pedelecs. Door een fiets pas vanaf 2020 op de zaak te zetten kun je inspelen op de regeling, tot die tijd kun je voor zakelijke ritten bijvoorbeeld je eigen fiets gebruiken en hiervoor €0,19 ten laste van de winst brengen.

Heb je naar aanleiding van deze fiscale tips nog vragen?

Of wil je meer weten of sparren met onze fiscale partner door middel van een adviesgesprek?